Doel: De kinderen er weer eens op te wijzen
dat je niet moet vechten.
Benodigdheden: een voetbal.
Terwijl de gordijntjes dicht zijn horen de kinderen veel gestomp en
geschreeuw.
Leidster:
Pietje, kom eens hier, wat ben jij nou aan het doen?
Pop: (Komt te voorschijn.) Ik pik het niet langer. Ik geef hem een
reuzenknal terug! (Wil weer onderduiken.)
Leidster:
Hé, wacht eens, dat mag niet. Je moet niet vechten.
Pop: Jawel! Hij knalde recht in m'n gezicht. Ik zag gewoon sterretjes.
Daarom stomp ik hem terug.
(Duikt weer onder en produceert veel lawaai.)
Leidster: Pietje! Kom eens hier. Heb jij teruggestompt?
Pop: Ja, en hard ook! Ik heb hem heel hard getrapt!
Leidster: Dat mag niet, hè kinderen?
Pop: Jawel hoor!
Leidster:
Nee, hoor! Je mag geen kinderen schoppen en stompen.
Pop: Kinderen? Ik vecht niet met een kind!
Leidster: Met wie dan?
Pop: Met deze. (Haalt zijn voetbal op.)
Leidster:
O, ben je met je voetbal aan het vechten. Ik dacht al. Nou vooruit, jij mag een
mooi lied opgeven. Oké?