Programma voor zeven weken Kerst: JEZUS, DE BELOOFDE MAN VAN GOD!

 

verhaal

Bijbel

tekst

thema

verwerking

1. De moederbelofte. God belooft een man te sturen, die de slang zal vernietigen. OT 03 God houdt van Adam en Eva.

Verhalen die hierop betrekking hebben: De wonderzaadjes. VV039

Een beetje los VV033 of Veertjes… IL015

Gen. 3

Gen 3:15 Vijandschap sticht ik tussen jou en de vrouw, tussen jouw nageslacht en het hare, zij verbrijzelen je kop, jij bijt hen in de hiel.’   

We hebben allemaal gezondigd en God heeft een plan gemaakt om de wereld te redden, dat begon al in het paradijs.

Klassengesprek over voorspellen en beloven.

Spel. Twee groepen. Wie heeft het eerst de knuffels gered. Leg voor elke groep tien knuffels neer

Kerstkwartet

Cadeautjesspel

 

2. Aan Sara en Abraham wordt een kind beloofd, begin van een volk, waaruit de man zal worden geboren. OT08

Verhaaltje: Hoe heet je? IL021

Genesis 15

Gen. 17:15

Gen 21

Gen 18:14

Is ook maar iets voor de HEER onmogelijk?

 

 

Abraham, Isaäk, Jakob.

Jakob kreeg de bijnaam Israël. Hij kreeg twaalf zonen.  Ze groeiden uit tot een volk, verdeeld in 12 stammen. Uit één stam werd de Verlosser geboren: Juda  Gen 49: 10

Over bijnamen praten. Hoe heet je voluit? Hoe noemt je moeder je wel eens? Hoe noemen vervelende kinderen je? Wat voel je daarbij? Wat zou jouw verborgen naam zijn?  Openbaring 2:17

Toneelstukje

 

3. David wil de tempel bouwen, maar hij heeft bloed aan zijn handen. God belooft, dat een nakomeling van hem voor eeuwig op de troon zal zitten. Dit is het begin van de familie waaruit Jezus zal worden geboren. Daarom wordt Jezus ook de zoon van David genoemd.

(Hiervan is geen verhaal in mijn bijbelverhalen)

 

Sam. 7 en 8

2 Sam. 7: 23

God heeft zich ingezet om zijn volk vrij te kopen en tot zijn volk te maken,  

David’s nakomelingen waren soms vroom, maar ook heel vaak slecht,  daardoor werd het volk naar Babylon gedeporteerd. Toen iedereen dacht dat het niks meer zou worden met de Beloofde, mochten ze weer terug naar Jeruzalem. Eén nakomelinge was Maria, zij diende God en werd uitgekozen tot moeder van de Heiland. Ook Jozef was een nakomeling van David, maar van een andere zoon, Jojakin Mat. 1 :12 en Jer. 22, die mocht nooit op de troon komen.

Spel: Red me!

Dubbele kring, één is hem, één moet weglopen, alleen buitenom. Als hij/zij vóór een groepje van twee kinderen gaat staan, moet de achterste weglopen, de pakker moet dan hem weer pakken. Als hij hem tikt, dan zijn de rollen omgekeerd. De pakker wordt wegloper en de wegloper pakker.

Pannenkoeken versieren.

Allerlei namen van Jezus opschrijven op grote vellen met verf.

 

4. Jesaja krijgt de profetie dat Immanuel geboren zal worden. Jes. 7.

OT 48,49

 Jesaja 7

Jes. 9:1

Het volk dat in duisternis ronddoolt ziet een schitterend licht. Zij die in het donker wonen worden door een helder licht beschenen.

De belofte moest toch telkens weer doorverteld worden, anders vergat het volk het. Dat deden de profeten. Ze vertelden waar Jezus geboren zou worden en wat Hij zou gaan doen. Vaak werden ze geslagen...

Spel: doorfluisteren

Wat komt er uit als je een woord doorfluistert?

Hoe kwam het dat de woorden van de profeet wel goed onthouden werden? Boekrollen.

Neem tien namen van bijbelboeken en gooi de letters door elkaar.  Maak groepen. Welke groep heeft het eerst de naam gevonden? Blindemannetje.

5. Aankondiging aan Maria, Jozef ziet een engel. Het gezin, waaruit Jezus geboren gaat worden. NT01

 

Lucas 1:26-39

 

Joh. 3: 16.

Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft

Een rein meisje, maagd nog, werd de moeder. 

Wat is een maagd? Dat weten ze niet, ze denken aan maag!!

videofilm Jezus, het eerste gedeelte.

Of video Kerst

Engeltjes van klei maken of gipsen kaarsenhoudertjes goud verven.

6. Vertel het aan iedereen. Engelen vertellen het aan de herders. NT02

Ik wil heel dicht bij U zijn VV063 of een kerstverhaal KE02 Het gestolen beeldje

Lucas 2

Lucas 2:10.

De engel zei tegen hen: ‘Wees niet bang, want ik kom jullie goed nieuws brengen, dat het hele volk met grote vreugde zal vervullen:"

De hemel juicht!

Gods Woord houdt stand in eeuwigheid.

kerstbingo

7. Herodes wil het kindje doden  NT03

Mat. 2

Ps. 91: 4

Hij zal je beschermen met zijn vleugels, onder zijn wieken vind je een toevlucht, zijn trouw is een veilig schild.

Gods plan gaat door ondanks de tegenstand van de duivel.

Verjaardagskalender maken en elkaars namen erop zetten.

*toneelstukje mijn bloemen.

 

 
Les 1 Introductie: Jezus is de beloofde man van God

Hij kwam niet zomaar op een willekeurige tijd uit de lucht vallen, maar Hij werd verwacht en voorspeld sinds de zondeval. Hij voldoet ook aan tientallen specifieke beschrijvingen in de bijbel over de komende Messias. (Wil je hier meer over weten mail dan even josine@bijbelverhalen.nl) Hij kon niet zelf al die voorspellingen tot stand laten komen, zoals waar hij geboren zou worden en in wat voor graf hij zou komen te liggen. De jaartelling begint bij Hem. Dan moet je wel behoorlijk belangrijk zijn, want voor Hem en na Hem leefden vele belangrijke mensen. We hebben allemaal gezondigd en God heeft een plan gemaakt om de wereld te redden, dat begon al in het paradijs. Jezus is die beloofde redder! Als jullie goed geluisterd hebben, krijg je straks een ijsje

 

Voor de onderwijzer: De dvd God’s Story is te koop in evangelische boekwinkels, is Nederlands ondertiteld en kost ong. 8 euro. Je kunt telkens een stukje aan de kinderen laten zien. Hij is ook op internet te zien: www.christiananswers.net en er is een leerplan bij. De kleurplaten zijn in het Nederlands vertaald door mij. Gebruik zoveel mogelijk visueel materiaal. Al heb je maar één plaat, gebruik hem.

 

1.Lezen: 3 minuten 

1 Kor. 15:1-9

 

2 .Introductie: 5 min.

Stel je voor dat iemand kan voorspellen wat de uitslag zal zijn van de eerstkomende wedstrijd Feyenoord Ajax. Is dat moeilijk? Als die persoon ook nog zou kunnen voorspellen, dat een bepaalde speler een knieblessure kreeg. Is dat moeilijker? Als die voorspeller nou eens de uitslagen van alle Ajaxwedstrijden in het komende seizoen feilloos kon voorspellen en ook nog dat er een bommetje ontploffen zou op het veld. Zou dat niet verbazingwekkend zijn? Zo iets, nee nog veel mooier,  is gebeurd met Jezus. Het is net als met een meisje dat een mooi cadeau beloofd is. Ze blijft maar zeuren dat het zo lang duurt voordat ze het krijgt. Hoe groot is het cadeau? Wat kun je er mee doen. Moeder en vader verklappen steeds een klein beetje. Tot het eindelijk de dag is dat ze het krijgt en dan blijken alle beloftes te kloppen.

We komen straks in de adventtijd. Wat is dat? 

 

3. Vertellen: 8 min. Gen. 3 

OT 03 God houdt van Adam en Eva

Verhalen die hierop betrekking hebben: Verhaal van de wonderzaadjes. VV039  of vrije verhalen VV058 Een beetje los. VV033 of Veertjes… (gaat hierbij)

 

4. Zingen: 3 min. ‘Er is een verlosser’ uit Opwekkingsliederen

 

5. Eerbied: 3 min.

Een vervolggebedje.

Deel onderstaande uitgeprinte regels uit en laten een paar kinderen op volgorde het vervolggebed bidden.

1.        Vader, dankuwel dat u aan Adam en Eva een verlosser hebt beloofd

2.        En dat dat Jezus is geworden.

3.        Dat Hij de vijand, de grote slang, de duivel heeft verslagen.

4.        Danku dat Jezus de weg is naar de Vader en dat wij door Hem behouden worden.

5.        Het is echt fijn om u als hemelse vader te kennen. We mogen altijd met u praten en U helpt ons.

6.        Jezus help ons om gehoorzaam te zijn aan God. U bent de Boom van het Leven.

7.        Wij spreken heel eerbiedig uw naam uit, Jezus, onze redder.

8.        Vergeef ons onze zonden. Amen.

 

6. Opdracht: 10 min.

Wat heb ik aan het begin beloofd? Hoe komt het dat je het niet vergeten bent?

Wat betekent het woord vervulling? Nu eten we samen ons ijsje op.

Evt. een blad geven met de volgende vragen, die ze moeten beantwoorden:

1.  Waarom heeft God ons vrijheid van keuze gelaten?

2. Als God van te voren wist dat we zouden gaan zondigen waarom zette hij dan die boom daar neer?

3. Zie je de gevolgen van de zonde om je heen? Waar en hoe?

Lees: Rom. 6:23 Want het loon dat de zonde geeft is de dood.

Laat een krant zien.

 

7. Tekst: vijf min.

Gen 3:15 Vijandschap sticht ik tussen jou en de vrouw, tussen jouw nageslacht en het hare, zij verbrijzelen je kop, jij bijt hen in de hiel.’   

Een erg bekende manier om een tekst te leren is: De was ophangen. Schrijf de woorden op papier in kledingvorm en hang dat aan een waslijn. Telkens een stuk was eraf halen, tot ze het kennen.

 

8. Activiteit:  10 min.

Spel met drie groepen: ik heb voor elke groep zogenaamd mooie cadeaus in gedachten. Je krijgt van mij voorbaat tien fiches, maar bij elke hint die je nodig hebt gaat er een fiche af. Welke groep houdt de meeste fiches over?

(Voorbeelden van cadeautjes: Een agenda, een gsm, een hondje, een computer, een bos bloemen, een ring, een fiets, voetbalschoenen, vilstiften, een zak snoep, een broertje.)

Je kunt het best beginnen met de vraag: Is het een mens, dier of ding.

Of: Spel. Hindernisbaan. Twee groepen. Gooi twintig knuffels door de zaal, twee soorten, een voor elke groep. Maak een soort hindernisbaan met een startpunt en een eindpunt. Wie heeft het eerst de knuffels gered.

 

9. Quizvragen:

1.        Van welke boom mocht de mens niet eten? (Boom van de kennis van goed en kwaad)

2.        Wie verleidde Eva? (slang)

3.        Wat deed Adam? (at ook)

4.        Als ze van de boom aten zouden ze… (sterven)

5.        Wie zocht hen op? (God)

6.        Wat voor straf kregen Adam en Eva? (uit het Paradijs)

7.        Wat voor straf kreeg de slang? ( op zijn buik kruipen)

8.        Wat beloofde God te sturen om de slang te verslaan? (Messias, redder)

9.        Wie was die beloofde man? (Jezus)

10.      Bij welk feest vieren we dat Jezus de dood versloeg? (Pasen)

 

Les 2  God beloofde een kind aan Sara en Abraham

Dit is het begin van een volk, waaruit de Messias, Jezus, geboren zou worden

Abraham, Isaak, Jakob. Jacob kreeg de bijnaam Israël. Hij kreeg twaalf zonen.  Ze groeiden uit tot een volk, verdeeld in 12 stammen. Uit één stam werd de Verlosser geboren: Juda  Gen 49: 10 God had Jezus al op het oog, toen hij Abraham en Sara een kind gaf.

 

1.Lezen: 3 minuten 

Genesis 17:19-22

 

2 .Introductie: 5 min.

Over bijnamen praten. Hoe heet je voluit? Hoe noemt je moeder je wel eens? Had je graag anders willen heten?

Hoe noemen vervelende kinderen je? Wat voel je daarbij? Wat zou jouw verborgen naam zijn?  Openbaring 2:17

Illustratieverhaaltje Hoe heet je? VV107

 

3. Vertellen: 8 min. OT08

Gen. 15. Gen. 17:15, Gen. 21 

 

4. Zingen: 3 min. Voordat je bestond kende Hij je naam, Opwekkingsbundel

 

5. Eerbied: 5 min.

Voorbereiding thuis: Neem een paar bollen wol mee. Een dikke en een paar kleinere. De draad staat voor je leven. Oude mensen hebben een langere draad dan kinderen. Maak een paar niet te grote bolletjes en begin te wikkelen om een briefje met daarop een naam van een kind, waarvan je zeker weet dat het aanwezig zal zijn.

Terwijl de kinderen het bovenstaande lied zingen moeten de betreffende kinderen hun bolletje afwikkelen tot ze het briefje vinden. Voordat je vader en moeder je naam bedachten kende God je al.

Laten we Hem daarvoor danken, terwijl iedereen zachtjes voor zichzelf bidt, want: al hebben mijn vader en moeder mij verlaten, toch neemt de Here je aan. Hij heeft jou gewild. Je bent gewenst.

 

6. Opdracht: 10 min.

Ieder voor zich of als groep.

Wie komt er eerst in de tijd: De eerste letter van het goede antwoord opschrijven.

Benjamin of David?  B

Adam of Elia?   E

Ester of Lea?  L

Maria of Orpa? O

Kleinkind of oma? O

Farao of Daniël? F

Discipelen of Stefanus D

Welk woord vind je als je de gevonden letters achter elkaar schrijft?

Wie was er al in het paradijs beloofd? Jezus.

 

7. Tekst: vijf min.

Gen 18:14 Is ook maar iets voor de HEER onmogelijk?

 

8. Activiteit:  10 min.

*beschuit met muisjes eten

*of een toneelstukje doen: Jezus heeft beloofd weer terug te komen en wij moeten Hem verwachten.

 

Verwachting.

Doel: De kinderen te leren begrijpen dat men heel lang op de komst van de Heer Jezus heeft gewacht. Velen dachten dat Hij niet bestond of niet zou komen. Zo ook met de Weder­komst.

Spelers: Twee clowns of een leidster met een clown.

Een poppenkastpop (brutaal) een handpop, bijv. een brutale kraai, een kind.

Benodigdheden: een brief, een telefoon, een grote zakdoek, feestartikelen, een pan, wat ongeschilde aardappelen en een pollepel, een groot papieren horloge, snoepjes voor alle  kinderen.

 

Polly komt op.

Hij ziet een overdreven grote brief liggen. Leest voor.

Beste Polly, ik kom eraan, maak vast lekker eten voor mij klaar. Polly is blij. Hij vertelt de kinderen dat Holly zijn beste vriend is. Hij maakt eten klaar. Wil vieze dingen klaar­maken, maar de kinderen weerhouden hem ervan. Hij kijkt op zijn horloge. Het duurt erg lang. De kraai komt op.

Waar wacht jij op?

- Op Holly.

Holly? Wat een gekke naam. Nou, ik zal je één ding zeggen. Iemand met zo'n gekke naam bestaat er niet op de hele wereld. Hij komt dus niet.

Polly: Ach jawel, ik heb zijn brief.

Kraai: Ach, grapje, die heeft iemand anders geschre­ven.

De telefoon rinkelt.

Polly neemt op. Het is Holly. Hij zegt dat hij eraan komt.

Polly: Zie je wel (tegen de kraai) dat hij be­staat! Hij komt

eraan.

De poppenkastpop komt de kraai versterken. Samen lachen ze Polly uit. Polly wordt verdrietig. Hij gaat huilen. (grote zak­doek) Holly komt vast niet. Het duurt zo lang.

Een kind komt zeggen: Stil maar Hij komt echt wel. Hoor eens!

Daar hoor ik zijn voetstappen al. Alle kinderen beginnen van zacht naar hard Holly's voetstapgeluid te maken. Pompompomper­depom. Pompompomperdepom.

Holly komt binnen. Feest vieren. Snoepjes uitdelen.

 

9. Quizvragen:

1.        Hoe heette de vrouw van Abraham? (Sara)

2.        Wat was Maria van Jezus? (moeder)

3.        Hoe heette de zoon van Abraham en Sara? (Isaak)

4.        Waarin woonden Abraham en Sara? (tenten)

5.        God beloofde Abraham en Sara een kind, en veel nageslacht. Waar moesten ze naar kijken? (sterren en de zandkorrels)

6.        Hoe heet het feest dat we gedenken dat Jezus werd geboren? (kerstfeest)

7.        Wat betekent de naam Isaak? (lachen)

8.        Wat betekent de naam Jezus (redder)

9.        Waar beloofde God voor het eerst dat Jezus geboren zou worden? (paradijs)

10.      Waarom is Jezus gekomen? (om voor onze zonden te boeten)

 

Ik wil heel dicht bij U zijn

Op een keer kwamen er kinderwerkers uit Amerika in een weeshuis in Rusland het kerstverhaal vertellen. De kinderen luisterden aandachtig. Ze hadden nog nooit zo'n prachtig verhaal gehoord en wat was het leuk om daarna een kribbetje van karton te maken. Van gele servetten mochten ze stro knippen om erin te leggen en het kindje werd voorgesteld door een ijslollystokje, waarop een gezichtje werd getekend. Voorzichtig legden het 'kindje' in het stro. De leidsters liepen bij alle kinderen langs om hun kribbetjes te bewonderen. Tot grote verbazing ontdekten ze  in het kribbetje van Dimitri twee kindjes in het kribje.

'Waarom twee?' vroegen ze.

Verlegen kwam het antwoord: 'Het kindje vroeg aan mij of ik eenzaam was en toen zei ik: Ja, ik heb geen pappa en mamma. Toen vroeg Hij of ik bij Hem wilde komen...'

'Bij het kindje Jezus?'

''Ja, ik wilde dat wel, maar wat moest ik dan doen? Ik had geen cadeautje voor Hem. Ineens bedacht ik iets. Lieve Jezus, zei ik vlug, heb je het een beetje koud? Zal ik naast je komen liggen om je warm te houden? Kleine Jezus vond dat het allermooiste cadeau. Hij zei: Je mag voor altijd heel dicht bij mij zijn!''

De leidsters keken elkaar verbaasd aan. Wat prachtig, dat het evangelie zo simpel te begrijpen is.

 

Les 3 Jezus is de ‘zoon’ (nakomeling) van David

Davids nakomelingen waren soms vroom, maar ook heel vaak slecht,  daardoor werd het volk naar Babylon gedeporteerd. Toen iedereen dacht dat het niks meer zou worden met de Beloofde, mochten ze weer terug naar Jeruzalem.

Eén nakomelinge was Maria, zij diende God en werd uitgekozen tot moeder van de Heiland. Ook Jozef was een nakomeling van David, maar van een andere zoon, Jojakin

Mat. 1 :12 en Jer. 22., die mocht nooit op de troon komen.

 

1.Lezen: 3 minuten 

Mat. 1 Dit is moeilijk, maar nuttig. De leidster moet het stuk liever zelf lezen en even van te voren oefenen.

 

2 .Introductie: 5 min.

Weten jullie wat een stamboom is? (Misschien kun je een stamboom bemachtigen van het koninklijke huis, of iets dergelijks.)

Hoe heten je ouders? Ken je de namen van je grootouders? De namen van je overgrootouders ken je vast niet. Misschien kan je moeder je daarbij helpen. Dan kun je ook een eigen stamboom maken.

Sommige mensen gaan naar het stadhuis en pluizen alle gegevens na. Dan ontdekken ze dat ze afstammen van een bakker, een ridder of een arm weesmeisje. Ze hopen van een beroemdheid af te stammen, maar dat is meestal niet het geval. Jezus’ stamboom gaat terug tot Abraham. En… er zit ook een koning in. Welke?

 

3. Vertellen: 8 min.

Sam. 7 en 8. David wil de tempel bouwen, maar hij heeft bloed aan zijn handen. God belooft, dat een nakomeling van hem voor eeuwig op de troon zal zitten. Dit is het begin van de familie waaruit Jezus zal worden geboren. Daarom wordt Jezus ook de zoon van David genoemd. (Hiervan is geen verhaal in mijn bijbelverhalen)

 

4. Zingen: 3 min. Mijn hoop is op U, Heer, Opwekkingsliederen, of Jezus regeert op zijn eeuwige troon, Hij is de Heer.

 

5. Eerbied: 3 min.

Schrijf een gebedje op, zodat de woorden goed leesbaar getoond kunnen worden.

Zeg dan: Bidden kunnen we ook met ogen open, niet alleen als we zitten.  Laten we gaan staan en hardop dit gebed bidden.

 

Vader dankuwel dat U onze namen kent.

U kent ook al onze gedachten, onze plannen en ook de toekomst.

Als we huilen troost u ons,

Als we eenzaam zijn bent u bij ons,

Als we lachen bent u ook gelukkig

Als we genieten omarmt u ons.

Wij willen worden zoals u, onze hemelse Vader, en anderen bemoedigen. Vergeef ons onze fouten.

Amen

 

6. Opdracht: 10 min.

Verdeel de groep in twee of drie groepjes. Welke groep kan de meeste dingen opschrijven die met een koning te maken hebben.

Bijv. troon, scepter, regeren, enz.

 

7. Tekst: vijf min.

2 Sam. 7: 23

God heeft zich ingezet om zijn volk vrij te kopen en tot zijn volk te maken.

Neem eens een handpop mee, die de dingen steeds verkeerd zegt.  

 

8. Activiteit:  10 min.

*Spel: Red me!

Dubbele kring, één is hem, één moet weglopen, alleen buitenom. Als hij/zij vóór een groepje van twee kinderen gaat staan, moet de achterste weglopen, de pakker moet dan hem weer pakken. Als hij hem tikt, dan zijn de rollen omgekeerd. De pakker wordt wegloper en de wegloper pakker.

*Pannenkoeken versieren.

*Allerlei namen van Jezus opschrijven op grote vellen papier. Versieren met pijlen en kronen, evt. uitgeknipt en opgeplakt.

 

Goede Herder

Heer

Heiland

Immanuël

Redder

Rots

Bevrijder

Bruidegom

Koning

Sterke God

Sterke toren

Woord

Lam Gods

Licht der wereld

Liefde

Verlosser

Vredevorst

Man van smarten

Meester

Messias

Waarheid

Ware Wijnstok

Weg

Eeuwige rots

Eniggeboren Zoon van God

Overwinnaar

Zoon des mensen

Zoon van Abraham

Zoon van David

 

9. Quizvragen:

1.        Welke koning wilde een tempel bouwen, maar mocht het niet van God? (David)

2.        Zijn zoon bouwde wel de tempel. Hoe heette hij? (Salomo)

3.        Wie wordt er wel zoon van David genoemd? (Jezus)

4.        Hoe heet de boom van je voorgeslacht? (stamboom)

5.        In welke stad werd de tempel gebouwd? (Jeruzalem)

6.        Hoe lang zal Jezus koning zijn? (eeuwig)

7.        Nathan was een…. (profeet)

8.        Hoe heette de pleegvader van Jezus? (Jozef)

9.        Wie was Jezus’ echte vader? (God)

10.      Hoe heette de gouden kist met de twee engelen erop, die in het allerheiligste stond? (de ark)

 

Les 4  Jesaja krijgt de profetie dat Immanuel geboren zal worden.

De belofte moest toch telkens weer doorverteld worden, anders vergat het volk het. Dat deden de profeten. Ze vertelden waar Jezus geboren zou worden en wat Hij zou gaan doen. Vaak werden ze geslagen...

 

1.Lezen: 3 minuten Jes.1:18-25

 

2 .Introductie: 5 min.

Spel: doorfluisteren

Wat komt er uit als je een woord doorfluistert?

 

3. Vertellen: 8 min

Jes. 7. OT 48,49

 

4. Zingen: 3 min. Immanuel, God met ons, zijn naam zal zijn Immanuel.

 

5. Eerbied: 5 min.

Laten de kinderen gebedjes maken die beginnen met ‘ Ik hoop, dat….’

 

6. Opdracht: 10 min.

*Geloof wordt als een kruis voorgesteld, liefde als een hartje en hoop als een anker.  Sommige mensen dragen een kettinkje met die symbolen. Bespreek waarom die tekens gebruikt worden. Laat ze deze drie dingen tekenen met een kaars op papier. Als ze er later met een donkere kleur overheen gaan, komen die symbolen te voorschijn.

*bespreek het verschil tussen geloof, hoop en liefde. Bepreek ook dat God de bron van je geloof, hoop en liefde moet zijn.

Jomanda en de New Age Beweging zwaaien ook met deze drie symbolen en de mensen denken dat ze een houvast in handen hebben, maar geloof, hoop en liefde zijn niks als ze niet aan Jezus vast zitten.

Je kunt valse hoop hebben, je kunt geloof hebben in een verkeerde god en je kunt je vijanden niet uit jezelf liefhebben.

 

*Hoe komt het dat de woorden van Jesaja wel onthouden werden? Boekrollen. In Quamram werden nog rollen van Jesaja gevonden.

Neem een aantal bijbelboeken en gooi de letters van de namen door elkaar. De kinderen moeten ze weer vinden.

 

7. Tekst: vijf min. Jes. 9:1

Het volk dat in duisternis ronddoolt ziet een schitterend licht. Zij die in het donker wonen worden door een helder licht beschenen.

Misschien in het donker opzeggen en met een zaklantaarn schijnen bij bepaalde woorden. Hoop is ook licht in de duisternis, een licht voor je voet, een raam waardoor je naar buiten kunt kijken. Als je God niet kent leef je in de duisternis.

 

8.Activiteit:  10 min.

Blindemannetje. Met een blinddoek om door een hindernisbaan lopen. Met een blinddoek om voelen aan het gezicht welk kind er voor je staat.

 

9.Quizvragen:

1.        Andere naam voor Jezus, die betekent: God met ons. (Immanuel)

2.        Een profeet die Jezus´komst voorspelde. (Jesaja)

3.        Waar wordt geloof door voorgesteld? (kruis)

4.        In welk bijbelboek vinden we het verhaal over Jezus´geboorte? (Matteus, Lucas)

5.        Wat betekent de naam Jezus? (redder)

6.        Waardoor wordt liefde voorgeteld? (hartje)

7.        Wat stelt het anker voor? (hoop)

8.        Waarop was de bijbel vroeger geschreven? (boekrol)

9.        Wie verscheen er in een droom aan Jozef? (engel)

10.      In welke plaats werd Jezus geboren? (Bethlehem)

 

Les 5. Aankondiging aan Maria, Jozef ziet een engel.

Het gezin, waaruit Jezus geboren gaat worden.

 

1.Lezen: 3 minuten 

Lucas 1:26-39

Een rein meisje, maagd nog, werd de moeder. 

Wat is een maagd? Dat weten ze niet, ze denken aan maag!!

 

2.Introductie: 5 min.

Kringgesprek. Ben je wel eens ergens voor uitgekozen?

Speel even uit dat je een cameraploeg vormt en bij iemand thuis of op school gaat filmen omdat dat kind de hoofdprijs won in een gedichtenwedstrijd.

Of: Er komt een nieuwe Nederlandse speelfilm en ze zoeken een hoofdrolspeler. Jij doet auditie en dan wordt je uitgekozen.

 

3. Vertellen: 8 min

Lucas 1

NT01

 

4. Zingen: 3 min. Er is een lied gemaakt over deze aankondiging, dat is erg beroemd. In katholieke kerken stellen ze Maria, als moeder van Jezus erg hoog. Nu wil ik je dit lied even laten horen Het heet het Ave Maria, wat betekent gegroet Maria.

 

5. Eerbied: 5 min.

Maria had een gebedshouding van overgave: Heer, mij geschiede naar uw woord. (NBV De Heer wil ik dienen)

Moet God jouw dienen of jij God?

Als je zegt: Heer, genees mijn oma…. Of Heer, geef mij een mooi cijfer voor rekenen. Wie dient er dan?

Als je zegt: Heer, gebruik mij maar om het gezellig thuis te maken. Wie dient er dan?

Laten we nu een dienend gebed bidden. Zeg me maar na als je het meent.

Jezus, als wij vandaag moeten kiezen, dan willen we kiezen wat U wilt dat we doen. Wij willen U gehoorzaam zijn. Amen.

 

6. Opdracht: 10 min.

*WWJD= What would Jesus do? Hiervan zijn armbandjes enz. te koop. Kun je ze maken?

 

 

*Cirkels. Voorbereiding:  voor elk kind cirkels in verschillende kleuren en vier groottes, neem  papier mee voor de pijlen. Maak van deze gekleurde cirkels de volgende afbeelding.

In de buitenste ring zetten we: Jezus werd beloofd aan de mensheid, (Adam en Eva) in de volgende ring, Jezus werd beloofd aan een volk, (Sara en Abraham) volgende ring: Jezus werd beloofd aan een familie (David) en ten slotte Jezus werd beloofd aan een gezin. (Maria en Jozef) En waartoe? Om de wereld te redden!  Jezus is het middelpunt van de wereld en van de wereldgeschiedenis.   

 

 


  

 

 

 

 

 

 

 

 

 


*Je kunt ook kleine tolletjes maken met dit patroon van cocktailprikkers .

Het draait allemaal om Jezus. (It’s all about You, Jesus!)

 

7. Tekst: vijf min.

Joh. 3: 16.

Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven,

opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat,

maar eeuwig leven heeft

 

 

8. Activiteit:  10 min.

videofilm Jezus, het eerste gedeelte. Of video Kerst.

*Engeltjes van klei maken

*of een gipsen engeltje goud verven.

 

9.Quizvragen:

1. Wie kwam Maria vertellen dat ze moeder zou worden van Jezus? (engel Gabriel)

2. Aan wie werd de moederbelofte het allereerst gegeven? (Adam en Eva.)

3. Aan wie werd een vol beloofd zo talrijk als de sterren? (Abraham en Sara.)

4. Wie was de belangrijkste profeet die Jezus komst voorspelde? (Jesaja)

5. Welke koning was de voorvader van Jezus? (David)

6. Wat antwoordde Maria de engel? (Ik wil de Heer dienen)

7. In welke plaats woonden Jozef en Maria? (Nazaret)

8. Wie was er ook in verwachting? (Elisabet)

9. Hoe lief had God de wereld? (dat Hij Jezus gaf)

10.Wanneer ga je niet verloren? (als je in Hem gelooft)

 

Les 6. Vertel het aan iedereen. Engelen vertellen het aan de herders.

De hemel juicht!

Gods Woord houdt stand in eeuwigheid.

 

1.Lezen: 3 minuten

Lucas 2: 8- 21

 

2.Introductie: 5 min.

Toen in mei de Global Surveyer Mars bereikte ging er in Houston een geweldig gejuich op. Op de tv. kon je dat zien. Waarom zouden ze juichen als zo’n ruimteschip zijn doel bereikt?

Waarom juichen ze als Ajax of Feyenoord een doelpunt maakt? Op een keer was er een feest in de hemel en een gejuich. De engelen waren gewoon niet te houden. Massaal gingen ze naar Bethlehem, want… het was gelukt. De zoon van God was als een baby geboren op aarde.

 

3. Vertellen: 8 min

NT02

Ik wil heel dicht bij U zijn (gaat hierbij) of een kerstverhaal KE02 bijv.

Het gestolen beeldje

 

4. Zingen: 3 min. Een kerstlied

 

5. Eerbied: 5 min.

Juichen is ook een vorm van bidden. Je lichaamshouding kan dan zijn: handen omhoog. Je vertelt de Heer Jezus al je blije dingen. Het heeft met een dankbaar hart te maken. Net als bij je ouders, daar moet je niet alleen maar vragen of je dit of dat mag hebben, maar je moet hen ook eens zeggen hoe blij je met ze bent. Dank je God wel eens voor je gezondheid?

 

6. Opdracht: 10 min.

 

Schrijf op: een paar weetjes over engelen. Engel betekent boodschapper. In het woord evangelie zit ook het woord engel.

Engelen zijn dienende geesten. Ze zijn man noch vrouw. Ze staan onder ons in rang. Ze strijden voor ons. Ze voeren Gods besluiten uit. Soms zijn het net mensen, soms heel ontzagwekkend en dan zeggen ze altijd: Vrees niet.

We mogen ze niet aanbidden of aanroepen. Ze hebben een vrije wil, net als wij. Een derde van de engelen ging met Lucifer mee, toen hij in opstand kwam tegen God. Voortaan worden ze demonen genoemd. Engelen hebben geen vleugels. Serafijnen hebben zes vleugels en Cherubijnen hebben ook vleugels. Een paar belangrijke engelen worden aartsengelen genoemd:

*Michael.  Leider van Gods legers in de strijd met satan. In het boek Daniël steunde hij Israël tegen de Perzen. Hij wordt vaak afgebeeld met een zwaard in de hand.

*Gabriël kondigde de geboorte van Johannes de Doper aan, en later, aan Maria, de geboorte van Jezus Christus.

*Lucifer, (lichtdrager) gevallen aartsengel, die eenderde van de engelen in zijn val meesleepte; de bijbel noemt deze gevallen engelen 'boze geesten' (demonen), Satan verleidde de eerste mensen tot zonde. Wordt ook de vijand van God genoemd.

 

 

7. Tekst: vijf min.

Lucas 2:10.

De engel zei tegen hen: ‘Wees niet bang, want ik kom jullie goed nieuws brengen, dat het hele volk met grote vreugde zal vervullen:"

 

8.Activiteit:  10 min.

*Leg tien dingen neer en laat ze raden wat het met kerst te maken heeft.

Bijv. lucifer, schaap, telraam, papieren luier, kniebeschermers (knielen), stro, pen, appel, ster, hart, (Gods liefde)

*Kerstbingo

 

9.Quizvragen:

1.Wat betekent het woord engel? (boodschapper)

2. Aan wie vertelden de engelen de blijde boodschap? (herders)

3. Hoe heette de engel die aan Maria vertelde dat ze een kind kreeg? (Gabriel)

4. Hoe heette de duivel vroeger? (Lucifer)

5. Wat betekent lucifer? (lichtdrager)

6. Waarin werd het kindje Jezus gelegd? (kribbe)

7. Waarom waren Jozef en Maria niet in Nazaret? (Volkstelling)

8.In wat voor huis werd Jezus geboren? (stal)

9.Wat gingen de herders doen met de blijde boodschap? (doorvertellen)

10.Wat zongen de engelen? (Ere zij God)

 

Les 7. Herodes wil het kindje doden

Gods plan gaat door ondanks de tegenstand van de duivel.

 

1.Lezen: 3 minuten

psalm 91

 

2.Introductie: 5 min.

Heb je wel eens dat reclamefilmpje gezien met een engeltje op je ene schouder en een duiveltje op je andere? Is dat echt zo in je leven? Voel je dat wel eens?

Het goede stemmetje noem je ook wel je geweten. Denk je dat er oorlog in de hemel is?  Wie vecht er met wie? Waarom?

 

3. Vertellen: 8 min

Mat. 2 NT03

 

4. Zingen: 3 min.

Ik zegen jou in Jezus’ naam

 

5. Eerbied: 5 min.

Vader, we voelen ons veilig, want U ziet ons altijd, waar we gaan of staan. U houdt van ons.

Geef, dat wij ook anderen een veilig gevoel geven, zodat zij blij kunnen zijn.

Wees met de mensen die beroofd zijn, met oude mensen die niet zo goed kunnen lopen, met gehandicapten en met vluchtelingen, want u was ook eens een vluchteling. Leer ons steeds naar uw voorbeeld te leven. Amen.

 

6. Opdracht: 10 min.

Spel: Ik ga op reis en ik neem mee. Iemand begin en noemt een ding, dat hij/zij meeneemt. De volgende voegt er een ding aan toe, enzovoorts. Net zo lang tot iemand een fout maakt.

 

7. Tekst: vijf min.

Ps. 91: 4

Hij zal je beschermen met zijn vleugels, onder zijn wieken vind je een toevlucht, zijn trouw is een veilig schild.

 

8.Activiteit:  10 min.

*Verjaardagskalender maken en elkaars namen erop zetten.

*het verhaal uitspelen.

*elk kind wordt apart gezegend.

*toneelstukje

 

Mijn bloemen.

Doel: We moeten vriendelijk tegen elkaar praten, dat doet de ander goed.

Benodigdheden: papieren bloemenkragen, een paar kinderen, een poppenkastpop.

De poppenkast staat klaar met dichte gordijntjes.

De leidster vertelt dat zij een mooie tuin heeft aangelegd met schitterende bloemen. Het zijn heel bijzondere, want als je aardig tegen ze spreekt gaan ze stralen en pronken. Als je daarentegen hen uitscheldt gaan ze helemaal in elkaar zitten en worden klein. We geven ze water en praten lief tegen de bloemen. Ze krijgen ook een naam. Dan zegt de leidster: "Ik moet even weg, passen jullie op mijn tuintje?"

Als de leidster met haar rug naar de kinderen aan de zijkant wat staat te doen, komt een ondeugende poppenkastpop door het gordijntje heenkij­ken. Hij ontdekt de bloemen en begint ze uit te lachen. Hij wil zelfs een schaar om ze af te knippen De bloemen gaan hele­maal in elkaar zitten en als de leidster komt ziet ze de schade.

"Waarom hebben jullie niet beter op mijn bloemen gepast?" vraagt ze. "Wie heeft dat gedaan?"

De pop­penkastpop krijgt de schuld, maar de leidster gelooft niet dat die er geweest is. Ze gaat de bloe­men weer lief toespreken, giet nog wat water bij en dan moet ze weer even weg. De tweede keer gaat het weer als de eerste keer. De leid­ster gaat eens goed in de poppenkast kijken en ja hoor. Ze vindt de boosdoener. Hij wordt bestraffend toegesproken.

"Als we jou uitlachen en we zeggen dat je zulk raar haar hebt, hoe zou jij dat vinden?"

Er wordt uitgelegd (niet te lang) dat we elkaar kunnen

zegen­en en vloeken en we eindigen met: "Ik zegen jou in Jezus' naam."

 

9.Quizvragen:

1.Hoe heette de koning die Jezus als kind wilde doden? (Herodes)

2. Naar welk land vluchtten Jozef, Maria en het kindje? (Egypte)

3. Wanneer kwamen ze weer terug? (toen Herodes dood was.)

4. Waar gingen ze toen wonen? (Nazaret)

5. Wat kwamen de wijzen doen in Jeruzalem? (Ze zochten een koningskind)

6. Naar welke plaats stuurde Herodes hen? (Betlehem)

7. Wie waarschuwde Jozef in een droom? (engel)

8. Wat volgden de wijzen? (een ster)

9. Hoe heette de hoofdstad van Israel? (Jeruzalem)

10. Wat gaven de wijzen aan Jezus? (goud, wierook, mirre)