Quiz week 7

Welk vraagnummer hoort bij welk antwoordnummer ?

Zie de antwoorden onderaan deze pagina 

 

 

Vragen

 

Antwoorden

1

Waarom kun je Kaïn een dwaas noemen?

1

Van Adam en Eva

2

Van wie wisten Kaïn en Abel hoe ze moesten offeren?

2

Hij doodde zijn broer uit jaloersheid

3

Wat betekent het woordje GENADE?  

3

Nee, je voelt je eenzaam en smerig.

4

Luisterde Kaïn naar Gods waarschuwing?

4

Een nieuw kindje: Set, als plaatsvervanger voor Abel 

5

Maakt de zonde je gelukkig?

5

hoogmoed

6

Wat beloofde God aan Adam en Eva?

6

Dankbaarheid voor Gods vergeving

7

Mag je God dan geen groenten en fruit geven?

7

altaar

8

Wat was er in het hart van Kaïn? 

8

Natuurlijk wel, maar niet als verzoening voor je zonden. 

9

Wat was er in het hart van Abel?

9

 Nee, hij sloeg Abel dood.

10

Hoe noem je een tafeltje van stenen waarop je eten voor God neerlegt en verbrandt?

10

 Liefdevol behandelen

 

 

Quiz week 8

 

Vragen

 

Antwoorden

1

Aan wie vertelde God wat hij van plan was?

1

Abraham

2

Wie woonde er in Sodom?

2

drie

3

Hoeveel mannen kwamen er bij Abraham? 

3

 Lot en zijn gezin

4

Zou God de stad verwoesten als er tien rechtvaardigen waren?

4

Ze misbruikten ze. 

5

Wat deden de mensen van Sodom met vreemdelingen?

5

Nee.

6

Hoe zijn Sodom en Gomorra omgekomen? 

6

 Twee engelen en de Heer

7

Wie waren die drie mannen die bij Abraham kwamen?

7

 Door vuur

8

Wie had Lot opgedragen om in Sodom te gaan wonen?  

8

 De engelen sloegen hen met blindheid.

9

Waardoor konden de inwoners van Sodom de deur van Lots huis niet meer vinden?

9

 Niemand, hij koos er zelf voor.

10

Wat gebeurde er met de vrouw van Lot?

10

 Ze werd een zoutpilaar.

 

 Quiz week 9

 

 

Vragen

 

Antwoorden

1

Hoe heetten de zonen van Eli?

1

Samuel

2

Waarom waren zij dwaas?

2

 Hofni en Pinehas

3

Wie werkte als klein ventje in de tempel? 

3

 Toen hij in zijn bed lag

4

Wat zei Samuel toen God hem riep?

4

 De gouden kandelaar

5

Wat had Eli fout gedaan?

5

Zij luisterden niet naar hun vader en zondigden in de poort van de tempel

6

 Hoe liep het af met de dwaze Hofni en Pinehas?

6

 Ze stierven op het slagveld

7

Wanneer riep God Samuel?

7

De ark van het verbond

8

Hoe heet de kist van goud met twee engelen op het deksel? 

8

Hij had zijn zoons veel te zacht behandeld.

9

Wat wordt er met de lamp van God bedoeld?

9

 Hij was oud en blind

10

Wat was er met de priester Eli aan de hand?

10

 Spreek, Here, want uw knecht hoort.

 

 Quiz week 10

 

Vragen

 

Antwoorden

1

Wat doen losers meestal?

1

Dan daag je God uit en je bent zelf niet veilig meer.

2

Wat gebeurt er als je met God spot?

2

Nee, hij was erg dapper, dapperder dan alle andere soldaten inclusief de koning.

3

Hoe heette de grote gewapende reus? 

3

Van de naam David.

4

Was David een doetje?

4

Een Davidsster

5

Waar komt het woord dotje of doetje vandaan?

5

koning

6

Welk symbool staat er op de Israëlische vlag? 

6

Goliat

7

 Wat is David later geworden?

7

Hij was muzikaal, maakte gedichten, de psalmen en speelde harp

8

 Wat had David voor talent? 

8

vloeken

9

Uit welke stad kwam David?

9

Van David

10

Van wie is Jezus een nakomeling? 

10

 Net als Jezus, uit Betlehem

 

Quiz week 11  

 

Vragen

 

Antwoorden

1

Wat betekent de naam Nabal?

1

Abigail, die de zaak probeerde te sussen.

2

Waaruit bestond Gods Vredesmacht in dit verhaal?

2

Meisjes werden uitgehuwelijkt.

3

Mochten meisjes in die tijd zelf kiezen met wie ze gingen trouwen? 

3

Hij zon op eerwraak

4

Wat deed Nabal voor doms?

4

Hij stierf aan een hartaanval.

5

Wat deed David voor doms?

5

Een weggelopen slaaf

6

Hoe liep het af met Nabal? 

6

dwaas

7

Met wie trouwde Abigail later?

7

Koning Saul zat achter hem aan.

8

Waarom leefde David als rebellenleider in de bergen? 

8

Ze knielde voor hem.

9

Hoe liet Abigail merken dat ze David als koning eerde?

9

Hij minachtte David en wilde hem geen dankbaarheid betonen.

10

Hoe noemde Nabal David?

10

Met David

 

 Quiz week 12

 

Vragen

 

Antwoorden

1

Voor welke vijanden was Saul bang?

1

vermomd

2

Welke profeet werd door de waarzegster opgeroepen?

2

drie

3

 Hoe ging Saul naar de waarzegster?

3

Hij doodde zichzelf

4

Waarom was er nog maar één waarzegster in het land?

4

Filistijnen 

5

Hoeveel zonen stierven er gelijk met hem?

5

Samuel

6

Wat zei de geest tegen Saul?

6

Saul was ongehoorzaam aan Gods bevelen

7

Hoe stierf Saul?

7

Saul had ze allemaal verjaagd

8

In welke plaats woonde de waarzegster?

8

Morgen zul je sterven

9

Waarom wilde God niet naar Saul luisteren? 

9

David

10

Wie volgde Saul op?

10

 Endor

 

 Quiz week 13

 

Vragen

 

Antwoorden

1

Welke profeet waarschuwde koning Jojakim?

1

 De knecht van Jeremia

2

Wie was Baruch

2

 Die rijdt op de weg van de tegenlggers

3

Wat deed koning Jojakim met het woord van God? 

3

 Jeremia

4

Wat wilde de koning doen met Jeremia en Baruch?

4

Verscheuren en verbranden 

5

Wat moest Jeremia van God opnieuw doen?

5

 Alles opnieuw opschrijven

6

Hoe is het afgelopen met die domme koning?

6

Bidden tot de maangodin en niet zorgen voor weduwen en wezen

7

Wat deed koning Jojakim in Gods ogen fout? 

7

 Als je Gods woord in je hart bergt

8

Wat is een spookrijder 

8

 Zijn lichaam werd niet begraven en zijn zoon werd weggevoerd naar Babel

9

Hoe word je wijs

9

Een profeet

10

Hoe heet een man in het Oude Testament die Gods woord verkondigde?

10

 In de gevangenis gooien

 

 

 Quiz week 14

 

Vragen

 

Antwoorden

1

Welke koning liet een gouden beeld voor zichzelf oprichten?

1

Nebucadnessar

2

Wat moest iedereen doen als de muziek ging spelen?

2

 Voor het beeld knielen en het aanbidden

3

Welke mannen aanbaden het beeld niet? 

3

 Gegooid worden in de brandende oven

4

 Wat voor straf stond er op het niet aanbidden van het beeld?

4

 Sadrach, Mesach en Abednego

5

 Wat gebeurde er met de mannen die de drie vrienden in de brandende oven gooiden?

5

 Vier

6

Hoeveel mannen zag Nebucadnessar in het vuur heen en weer lopen?

6

Vielen dood neer van de hitte

7

Wat gebeurde er toen Nebucadnessar beval dat de mannen eruit moesten komen?

7

Dat iedereen de hun God moest aanbidden.

8

Wat beval de koning na dit wonder? 

8

Drie mannen kwamen naar buiten en er was geen brandlucht aan hen te ruiken.

9

Wie was die vierde man die bij hen in de brandende oven was?

9

Ze kwamen uit Israël maar waren door de Babylonische soldaten naar Babel gebracht

10

Uit welk land kwamen de drie vrienden?

10

 Een engel, of Jezus.

 

 Quiz week 15

 

Vragen

 

Antwoorden

1

Hoe heette de vriend die Jezus heeft verraden

1

 30 zilverstukken

2

Hoe liep het met Judas af?

2

Ja, Hij zei: Wat je moet doen doe dat maar meteen.

3

Hoeveel geld kreeg Judas voor het verraad? 

3

 Overdag zouden de mensen Jezus beschermen.

4

Wist Jezus wat Judas van plan was?

4

Ja absoluut. 

5

Waarom wilden ze Jezus in de nacht oppakken?

5

Judas

6

Hoe noem je de laatste maaltijd die Jezus met zijn discipelen gebruikte?

6

 Hij zei: Wie samen met mij zijn hand in de schaal doopt, die is het.

7

Hoe wees Jezus Judas aan?

7

 Het laatste avondmaal

8

Ben je een dwaas als je liever geld hebt dan Jezus? 

8

Ja, hij ging het geld terugbrengen en riep: Ik heb een onschuldige verraden.

9

Kreeg Judas spijt?

9

Judas Iskariot. Er was nog een Judas bij de discipelen.  

10

Hoe heette Judas voluit?

10

 Hij hing zichzelf op

 

 Quiz week 16

 

Vragen

 

Antwoorden

1

Hoeveel wijze meisjes waren er?

1

Ja

2

Wat hadden zij bij zich?

2

Extra olie voor hun lampen

3

Wat gebeurde er met de dwaze meisjes? 

3

 De bruidegom

4

 Wat hoorden de tien meisjes in de verte roepen midden in de nacht?

4

vijf 

5

Wie moeten we altijd blijven verwachten?

5

Dat we voor de armen zorgen, de zieken helpen en de gevangenen gedenken.

6

Vielen alle meisjes in slaap?

6

Ze gingen naar de olieverkoper, maar het was te laat. Ze moesten buiten blijven.

7

Wat vraagt Jezus van ons?

7

 Nee, we willen dat Jezus koninkrijk komt.

8

Hoe wordt Jezus in dit verhaal genoemd? 

8

De bruidegom komt!

9

Zijn we voor ons eigen lol op de wereld?

9

Jezus

10

Wat maakt Jezus voor ons klaar in de hemel?

10

 Een plaatsje