Kinderen en het gevaar van
verslaafd raken
Hoe
praat je met je kinderen over de gevaren van verslaving. Een handleiding.
De
start van het gesprek
Soms
is het moeilijk om een gesprek te beginnen over riskant gedrag. Hier zijn een
paar ideeën om je op weg te helpen.
·
Als er op de tv een spotje
wordt gebracht over niet roken. Dan kun je met je kind praten over
de verleidingen die hierbij optreden, zoals hoe nee te zeggen als een vriend je
een sigaret aanbiedt.
·
Als je ziet dat iemand een sigaret opsteekt kun je de
gelegenheid te baat nemen om je mening te geven over roken en aan het kind
vragen wat het ervan vindt.
·
Samen naar statistieken kijken over nicotine/alcoholgebruik
onder jongeren en naar de gevolgen kijken.
·
Ga je langs een billboard met afbeeldingen dan kun je een
gesprek beginnen.
·
Het gedrag van een B.N.-ner of een popster kun je gebruiken
als je het wilt hebben over waar je grenzen liggen.
·
Vraag het kind eens of iemand in zijn omgeving rookt en hoe
het er tegenover staat. Ze snappen best dat jij ertegen bent.
Bereid
je ook voor op onverwachte momenten als je kind zin heeft om te praten. Soms
bij het naar bed gaan. Misschien komt het jou niet goed uit, maar grijp die
kans. Een voorbereid mens telt voor twee.
Hier
zijn nog een paar dingen om effectief te werk te gaan:
·
Laat je kind merken dat je kunt luisteren. Dit is zo
simpel als wat. Herhaal de belangrijkste punten die je kind naar voren brengt
(papegaaien) of stel een terloopse vraag die gebaseerd is op wat het zei.
·
Let op non-verbale signalen,
lichaamstaal en gezichtsuitdrukkingen. Kinderen kunnen niet altijd al hun
gedachten goed formuleren.
·
Spreek alleen met hen als ze zich op hun gemak voelen. Vergeet
niet dat sommige tieners zich opgelaten voelen als er meer mensen meeluisteren
en andere voelen zich juist opgelaten als ze met je alleen zijn.
·
Doe vooral niet net of je alle waarheid in pacht hebt. "Ik
weet het niet, maar laten we het onderzoeken" is soms het beste antwoord.
(Er zijn bronnen genoeg om antwoorden te zoeken op het internet.)
·
Schenk niet alleen aandacht aan wat je kind zegt, maar
ook aan zijn gevoelens. Er zijn momenten dat je het beste
kunt weergeven wat je denkt dat het kind voelt. ("Ik merk dat je bezorgd
bent over wat je vrienden daar wel van zullen vinden.") Daarmee laat je
merken dat je begrijpt wat het kind doormaakt en dat het er best moeite mee mag
hebben, zelfs al ben je het niet met hem eens.
·
Focus op ideeën en gedrag, en wordt niet persoonlijk. Bij
voorbeeld: zeggen dat zijn vriendje stom is omdat hij rookt maakt dat het zijn
vriend zal willen verdedigen. Als je daarentegen zou vragen wat hij zou kunnen
doen om die vriend te helpen stoppen, dan neem je hem mee naar jouw kant.
Natuurlijk
is een eenmalig gesprek niet genoeg. Begin al op jonge leeftijd erover te
praten in kinderlijke bewoordingen en met duidelijke regels. Naarmate je kind
groeit, herhaal je de boodschap met herkenbare uitspraken. Hier zijn enkele
suggesties.
Zelfs
als roken een hot item voor je is, is het toch van het allergrootste belang om
je kalmte te bewaren en relaxed het onderwerp aan te snijden. Houd het luchtig.
Niets staat tieners en pretieners meer tegen dan een preek. Blijf niet steeds
aan het woord. Stel vragen en luister goed naar de antwoorden van je kind,
zonder oordeel te vellen.
Er
komen vast wel gelegenheden om met je kind over het onderwerp in gesprek te
komen. Als je dochter vraagt om toestemming voor een party op vrijdagavond,
praat dan over de situaties waar ze misschien in terecht kan komen en hoe ze
hierop voorbereid kan zijn. Als je tienerzoon het heeft over de regels die op
school gelden, heb het dan eens over de logica van die regels.
·
Stel duidelijk wat je waarden zijn.
·
Jongere kinderen kunnen reageren op simpele regels, zoals:
“In ons gezin roken we niet. Ik rook zelf niet en ik zou het heel erg vinden
als jij het zou gaan doen." Naar mate het ouder wordt wil het meer en meer
doen wat zijn vrienden doen. Niet uit de boot vallen dus. Maar het luistert heus
wel naar wat je zegt—ook al voelt het niet altijd zo!
·
·
Focus op korte termijn consequenties. Als volwassenen
weten we dat roken leidt tot levensbedreigende ziektes zoals hart- en
vaatproblemen en longkanker. Maar de meeste tieners maken zich geen
zorgen over risico’s op de lange termijn. Ze kunnen zich niet voorstellen wat
het is om oud en ziek te zijn. Zorg ervoor dat
je je ook focust op de onmiddellijke gevolgen van roken — dingen zoals
slechte adem, kleding die stinkt, gele tanden of slechte prestatie bij het
sporten.
·
·
Doe de
reality check.
·
Pretieners en tieners hebben te neiging te denken dat er
veel meer kinderen van hun leeftijd dingen doen zoals drugsgebruik, roken en
drinken. Laat het kind weten dat de allergrootste meerderheid van middelbare
scholieren niet rookt.
·
·
Praat over de groepsdruk.
·
Weet dat je kind in moeilijke situaties komt en leer het om
er positief mee om te staan. Denk er ook aan dat positieve groepsdruk het weg
kan houden van tabak, alcohol en drugs. Wijs op klasgenootjes en vrienden die
het bewondert die niet meedoen met dit gedrag.
·
·
Laat hen geld zien!
·
Kinderen zijn trots op wat ze kunnen doen met het geld dat
ze verdienen. Reken eens uit wat het kost om een jaar te roken en hoeveel uur
je daar wel voor moet werken. Wat kun je niet allemaal met dat geld doen.
·
·
Stel regels. Vertel hen
wat er voor straf op staat als ze niet gehoorzamen en doe het dan ook.
Als
je denkt of weet dat je kind rookt, moet je nog over je waarden en normen
praten, en de redenen duidelijk maken waarom men niet moet roken. Het
moeilijkste hierbij is om te gaan met je eigen gevoelens van boosheid,
teleurstelling of schuld. Probeer je drang om te straffen in te houden en zet
hem niet voor schut. Ga ook geen lezing geven. Dan zal het zich voor je
afsluiten en je buitensluiten, juist op het moment dat je behoefte hebt aan een
goed gesprek.
Integendeel,
praat over dingen die je opgemerkt hebt (vrienden die roken, kleren die vies
ruiken). “Ik maak me zorgen dat je misschien er over denkt om te gaan roken of
dat je misschien al gerookt hebt.” Praat zonder hen te beschuldigen over
situaties, mensen of gevoelens die hen ertoe zouden kunnen aan zetten om te
gaan roken. Beschrijf je bezorgdheid: “Je weet hoe ik over roken denk en je
raakt zo snel verslaafd eraan.” Vraag of ze de symptomen kennen van verslaving
aan sigaretten: je verlangen naar een sigaret of het gevoel dat je echt weer
aan een peuk toe bent? Heb je er moeite mee om je te concentreren of voel je
je geïrriteerd of zenuwachtig als je niet kunt roken?
·
Is het moeilijk voor je als je op school of ergens anders
niet kunt roken?
·
Heb je geprobeerd om te stoppen, maar het lukte niet?
En
denk er wel aan het gaat hier niet om of je iets wel of niet mag, maar om een
medisch probleem. Laat je kind eens met de dokter praten en zoek eens
plaatselijke voorzieningen die het kunnen helpen om te stoppen. Vraag of het
kind er al aan gedacht heeft om te stoppen en wat hem/haar ervan weerhoudt.
Als
het op al die vragen niet thuis geeft wijs het er dan op hoe belangrijk het is
voor zijn toekomst en gezondheid en dat je van plan bent om het telkens weer
aan de orde te stellen.
Tenslotte kun je in deze tijd rebellie verwachten. Dat is
hun rol in de adolescentie –- De rol van de volwassene is om grenzen te
stellen. Als je accepteert dat ze op onschuldiger manieren rebelleren - door
mode, haarstijl of muziek —dan heeft het wellicht minder moeite met roken,
drank of drugs.
Hoe praat je met je pre-tiener?
Hoe
jonger de kinderen zijn als ze beginnen met roken hoe sneller ze verslaafd
raken en blijven roken. Een recent onderzoek onder tieners bracht aan het licht
dat 16 procent van de kinderen aangaf dat ze begonnen waren voordat ze 13
waren. Daarom is het zo belangrijk dat je er op tijd bij bent en op hun niveau
het gesprek kunt aangaan. Dan kun je hierop voortborduren als ze wat ouder
worden. Als het gaat over onderwerpen zoals roken worden pre-tieners meer
beïnvloed door hun ouders dan door hun vriendjes.
Je
opinie en je leiding is van het grootste belang gedurende deze levensfase.
Misschien lijkt het hen niet te interesseren of rollen ze verveeld met hun ogen
als je het over hun gezondheid hebt, maar ze horen drommels goed wat je zegt.
Verlies de moed niet.
Als
het gaat over hun gezondheid is goed als je beseft deze kinderen graag
onafhankelijk willen zijn. Ze willen laten zien hoe groot ze al zijn. Daarom
gaan sommigen ook roken. Hier volgen een paar tips die je kunnen helpen om meer
effectief te zijn als je met ze praat over niet-roken.
·
Roken is niet zo algemeen als het lijkt. De overgrote
meerderheid rookt niet.
·
Tabaksgebruik beperkt hun prestaties bij sport en andere
lichamelijke prestaties.
·
Ze hebben minder geld te besteden.
·
Roken is geen teken van volwassen zijn. De meeste
volwassenen zijn niet-rokers. De meeste rokers wilden wel dat ze nooit begonnen
waren. Echt volwassen zijn houdt in dat je tegen de stroom in durft te gaan.
·
Het is prima om nee te kunnen zeggen als ze je een sigaret
aanbieden, zelfs als het je vriend is. Tenslotte zal een vriend je nooit iets
aanbieden dat niet goed voor je is. Oefen het nee zeggen zodat je kind
voorbereid is.
Bij voorbeeld:
Een vriend/in vraagt of haar sigaretten soms bij jouw in je
tas mogen omdat haar ouders achterdochtig zijn dat ze rookt en het pakje zouden
kunnen vinden
Je bent met vrienden en één van hen stelt voor om te
proberen binnen te komen in een bioscoop waar ze een seksfilm draaien.
Je bent aan het babysitten en je vriendje wil bij je komen
als de kleintjes naar bed zijn.
Je bent met een vriend in een supermarkt en hij probeert je
over te halen snoep te stelen.
Onlangs probeerde je op een feestje een sigaret te roken en
bier te drinken. Je hebt er spijt van en nam je voor om de volgende keer nee te
zeggen. Maar je vrienden vinden dat je het de vorige keer ook gedaan hebt dus
kun je het wel weer doen.
Een meisje dat je graag mag wil van je spieken tijdens de
s.o. in de klas.
Je bent met een stel vrienden in een restaurant en je
vrienden maken de ober belachelijk. Je hebt medelijden met hem. Iedereen doet
mee, maar jij voelt je niet op je gemak.
De allerbelangrijkste regel is, dat het kind door zijn goede
voorbeeld jongere kinderen kan helpen gezonder te zijn. Wees een voorbeeld voor
de kinderen die jou op hun beurt weer nadoen. Voor hen ben je verantwoordelijk.