SPREKEN IN KLANKTAAL
1. Is KLANKTAAL voor kinderen?
2. Hebben ze het nodig?
3. Niet overschatten.
4. Zegen en vloek.
1. Is klanktaal
voor kinderen?
Volgens mij maakt God geen onderscheid, wanneer Hij Zijn geestelijke
gaven uitdeelt. Jong, oud, man, vrouw, uit gelovige ouders of niet. God gaat
zijn eigen koninklijke gang. Moeten we het bevorderen door erover te spreken? We
moeten zeker spreken over klanktaal. Vooral als ze er mee in contact komen. En
natuurlijk als we het Pinksterverhaal gaan vertellen. Als de tijd er rijp voor
is, zal God hen geven waar ze om vragen, maar pluk geen onrijpe vruchten. Vaak
is een kinderkamp de gelegenheid om tot verdieping van het geloof te komen.
2. Hebben ze het
nodig?
Stel die vraag maar aan God. Kinderen hebben de klanktaal soms hard nodig. Ze worden gepest en
vernederd. Ze kunnen in gevaar zijn. God geeft ons dit wapen in de strijd tegen
de machten der duisternis. Er zijn kinderen die al jong geestelijk rijp zijn of
moeten zijn. In het Jodendom is een jongen van twaalf volwassen. Hij doet Bar
Mitswa. Hij telt mee.
Verhaal:
Een dochtertje van een voorganger in Amsterdam was buiten aan het
spelen en zingen. Er kwam een grote wind die haar omver blies. Ze ging staan.
Weer blies de wind haar omver. Toen zag ze Jezus van achteren en ze begon in
nieuwe talen te spreken. Ontdaan rende ze naar haar moeder en vertelde alles. "Ik
vond het best eng, hoor mammie."
Haar broertje ging mee naar de bidstond voor volwassenen en werd zomaar
gedoopt in de Heilige Geest.
In Groningen waren kinderen die profeteerden en vervuld waren met de
Heilige Geest. Men wist niet wat ze ermee aanmoesten.
Het advies was: Het zijn heel gewone kinderen, doe maar gewoon.
3. Overschatten
We moeten de tongentaal niet overschatten. Het is evenzo belangrijk dat
een kind leert te doen wat God zegt. Eens was er een jongen in een groep die
voortdurend aan het schoppen en ruziemaken was. Toen hij later voor de groep
werd geïnterviewd over de weg tot behoud, legde hij het evangelie haarscherp
uit. Hij zou zelfs de evangelisatieouderling nog een lesje kunnen leren. Het was
een leuk joch. Echt een boef, maar had het toch niet fijner geweest als hij
voor de jongens in zijn groep een goede kameraad was?
Het allermooiste is als God, zonder dat wij iets organiseren ons zo af
en toe een moment geeft dat er een heilige sfeer valt over de groep. Het is zo
breekbaar als kristal. Ga er voorzichtig mee om.
4. Zegen en
vloek.
Iets wat heel fijn is om hen te laten voelen is: een zegen. Bij het
verhaal over Jozef, die toch Gods zegen met zich droeg ook in de put en in de
gevangenis, kunt u hen laten voelen wat zegen is. Ook bij Bileam of Bartimeüs.
Leidster zegt:
"Ga met je voeten netjes op de grond zitten. Sluit je ogen en doe
je hand op je hart. Luister nu heel goed naar wat ik je zeg en probeert het mee
te voelen. Je bent in een mooie tuin. De bloemen bloeien. Ze ruiken erg lekker.
Iedereen houdt veel van je. Je hebt een goeie toekomst. Je bent een belangrijk
persoontje. God houdt veel van je en Hij heeft een prachtig plan met je
leven... Open je ogen maar weer. Wat voelde je?" Nu komen de reacties.
Een meisje van zeven zei eens: "Het was alsof iemand met mij wilde
trouwen." Dat klopt ook, want zegen is eigenlijk liefde van God ontvangen.
Een jochie zei: "Het bobbelt zo van binnen bij mij."
Je kunt hen ook laten voelen wat vloek is. Geestelijke duisternis. Dat
gaat zo. De leidster zegt: "Je zit in een donkere kast. Niemand houdt van
je. Je wenste wel dat je niet geboren was."
Het behoeft geen uitleg dat u met zegen moet eindigen. Op deze manier
kun je hen ook uitleggen hoe een ander zich voelt als je tegen hem scheldt of
vloekt.
Wij wensen elkaar soms dingen toe die goed zijn. Bijv. Welterusten,
goedemorgen, veel geluk. Maar soms wensen we elkaar ziektes toe of de dood. Dat
is vloeken. En je kunt niet zeggen: Schelden doet geen zeer. Een kind dat
steeds uitgevloekt wordt wordt depri of hard. Zegenen en vloeken hebben impact
op ons lichaam. Het is verrassend hoe ze na deze oefening het begrip zegen begrijpen.