OVER TIENERWERK
Deze les is onderverdeeld in:
1. Wat zijn tieners?
2. Problemen van tieners.
3. Het programma.
4. Overwegingen.
5. Aanvulling.
6. Belangrijk voor de leiding.
7. Inschakelen.
8. Tenslotte.
1.Wat zijn
tieners?
(De laatste jaren zijn kinderen eerder in de
puberteit dan vroeger)
Hoewel sommigen ook elf- en twaalfjarigen tot tieners rekenen, willen
wij ons liever beperken tot de leeftijd van 13‑19 jaar. (Dus waar het
woord "tien" in hun leeftijd voorkomt.) We verdelen de tieners dan in
jonge en oudere, d.w.z. van 13‑15 jaar en van 16‑19 jaar.
2. Problemen van
tieners
Lichamelijk: Uiterlijk speelt een belangrijke rol.
Ze veranderen en merken dat. Eetproblemen, seksuele problemen. Jezelf accepteren
zoals je bent. Niet aan het ideaalbeeld van de reclame voldoen. Ze vinden zich
soms lelijk als ze het niet zijn. Puistjes, onhandigheid.
De tienertijd is een tijd van ingrijpende lichamelijke veranderingen.
De jongen die zich laat ontwikkelt, blijft klein. terwijl de meisjes van zijn
leeftijd al hele dames zijn. Wie zich laat ontwikkelt, wordt niet voor vol
aangezien.
Slechte eet- en slaapgewoontes kunnen hen deprimeren. Een op de vijf
heeft last van depressies.
Gevoelsmatig: Giechelen, emotionele hoogtes en
dieptes. Wie ben ik, waar leef ik voor. Wie houdt er van mij? Verliefdheden.
minderwaardigheidsgevoelens, zelfs zelfmoord. Het is een tijd van
"Himmelhoch jauchzend, zum Tode betruebt." (Hemelhoog juichend tot de
dood toe bedroefd.) Problemen thuis. Schuldgevoelens. Depressies. Eenzaamheid.
Sociaal: Hoe leg je contacten met anderen? De
meesten willen niet buiten de boot vallen. Groepsdruk. Ze willen zich kleden
zoals de anderen. Ze willen zich in alles wel aanpassen om maar in de groep
geaccepteerd te worden. Toch zijn er ook tieners, die extreem willen opvallen
en uniek zijn. Seksualiteit is een belangrijk onderdeel van hun leven en
dromen. Soms kan iemand lichamelijk al volgroeid zijn, maar gevoelsmatig,
emotioneel en in contact met de anderen niet. Verkijk je daar niet op. Bang
geen werk te kunnen vinden na de studie, pesterijen.
Geestelijk: Het is een tijd van kritisch denken
over alles wat tot voor kort voor je vaststond. Een tijd van geloofscrisis. Een
tijd ook van echtheid zoeken.
‑ Tienertijd is een tijd van loskomen van je opvoeders. Het ene
moment reageren ze als een kind, het volgende als een volwassene. Beschouw ze
niet te gauw als een volwassene maar
vooral niet te laat.
‑ Behandel ze met respect, oprechtgemeende bemoediging, aanvaarding en een schouderklopje als ze het
verdienen!
‑ In deze leeftijd praten ze soms liever met een jeugdleider
dan met hun ouders.
‑ Ze houden van een verrassing, van avontuur en risico's. - Alles
draait om henzelf.
- Het is belangrijk dat ze deel uitmaken van een positieve leeftijdsgroep.
- Ze overwegen of ze mogelijk homoseksueel zijn.
Omdat meisjes van nature eerst
vriendinnen hebben en pas later een vriendje en jongens eerst een vriend en
later pas belangstelling krijgen voor meisjes, kunnen ze denken dat ze homo
zijn. Het is juist een goede ontwikkeling. Eerst moet men leren wat vriendschap
is voordat men een seksuele relatie aangaat. In het huwelijk moet men fijne
kameraden kunnen zijn.
Dobson beschrijft in zijn boek "Wees Jezelf" een aantal
patronen hoe mensen het hoofd bieden aan minderwaardigheidsgevoelens en
persoonlijke gebreken. Het is leerzaam om dat te bestuderen. Sommige tieners
kruipen in hun schulp, anderen spelen voor clown of zijn uitermate assertief.
3. Het programma.
‑ Sporten
‑ Praatavonden.
- Briefjes met stellingen naar aanleiding waarvan je praat.
‑ Een film/video opname bekijken.
- Een spreker uitnodigen bv. van Open Doors, de Hoop,
de B.V.O.K., of een
ervaringsdeskundige.
‑ Drama of toneelstukje, een beginnetje aangeven. Of etiquetteregels uitspelen,
hoe het hoort en niet hoort.
‑ Samen muziek maken.
‑ Een hoorspel maken.
‑ Allerlei spelen.
‑ Quiz.
‑ Laat hen eens een tv-programma analyseren, advertenties of
popmuziek. Dit kan aan de hand van een vragenlijstje, waarop men kan turven.
Geef ze wel iets in handen
- Een gedeelte uit Gods Woord lezen en het met eigen woorden weergeven of samenvatten, bijv. Spreuken,
niet te lang.
- Spreek eens iets in op een cassetterecorder en praat daar samen over.
- Laat hen in kleinere groepjes uiteengaan.
- "Neighbour nudging", (met z'n tweetjes praten).
- Laat een bijbelgedeelte in doventaal uitbeelden door iemand die dat
kan.
- Een cd beluisteren over een bepaald onderdeel.
- Een stukje poëzie of proza lezen, bijv. uit een boek of een verhaal
en samen erover spreken.
- Speel eens een interview, dat je zogenaamd opneemt in de bijbelse
tijd.
- Wat voor angsten kan actueel wereldnieuws losmaken?
- Bespreek een paar berichten uit de kranten.
Hoe kan God ons in zulke
situaties bijstaan?
- Waarom bidden sommigen niet graag in het openbaar?
Bespreek dit eens met elkaar.
- Vragensteltijd. Wel even voorbereiden.
- Hoe kun je leren te getuigen? Laat een paar een persoonlijk
getuigenis geven.
- Brainstorm over een bepaald onderwerp.
Bij voorbeeld: Hoe kunnen we
anderen helpen.
- Kreten: Evenzoveel kreten maken als er tieners zijn. Bijv. meisjes
zijn gevoeliger dan jongens. Uitdelen. Ieder bespreekt zijn kreet en zegt of
hij/zij het ermee eens is of niet en
waarom. Dan tweede rondje. Iemand zegt: "Ik wil mijn kreet houden
of ik wil mijn kreet ruilen voor die van..., want... De ander kan dan zeggen: "Dat doe ik wel of niet,
want... Zo leer je hen goed hun mening
vormen.
Extraatjes:
‑reisje maken.
‑Een jeugdweekend organiseren.
‑Je samen inzetten voor een bepaald project.
‑Etentjes.
4. Overwegingen
- Zingen. De ene groep zingt met meer plezier dan de andere.
Jongere tieners, met name jongens hebben wel eens een hekel aan zingen. Dit
staat niet stoer, denken ze. Maar de reden is dat ze met hun stem overhoop
liggen. Door te zingen uit je je gevoelens en daar zijn ze o zo bang voor. Als
u dan toch wil zingen, neem dan engelse liederen, dan geven ze zich niet zo
bloot. Het zingen kan een oefenen zijn voor het zingen als tienergroep in de
samenkomst, dit maakt het gelijk functioneel. Het gebruik van een liederenblad
of boekje heeft ook als voordeel dat je niet naar de anderen hoeft te kijken.
Laat hen zelf een lied maken.
‑ Zorg voor: een gevarieerd programma.
‑ Zelfstandig laten denken. Vooral niet voorkauwen.
‑ Zelf ideeën laten aandragen.
‑ Indien mogelijk: zorg voor een gezellig honk.
‑ Samen plannen.
‑ Veel verschillende onderdelen.
‑ Voorafgaande aan de avond: als leiding samen bidden.
‑ Bidden de tieners zelf?
‑ Kan men soms een bidstond houden?
‑ Moet er elke week een bijbelstudie zijn?
5. Aanvulling
- Als je met jongeren omgaat moet je veel humor hebben. Niet
nepgrapjes, dat hebben ze goed door. Een soort vrolijkheid, geworteld in een
diep geloof. Kunnen relativeren.
- Leg niet op elk slakje zout.
- Behandel hen niet als kind, maar als verantwoordelijke.
(Dieren kun je nooit ter
verantwoording roepen, maar een mens juist wel. "Waarom doe je dat?"
"Adam, waar ben je?" "Waar ben je nou helemaal mee bezig?")
- Soms moet je je kwetsbaar opstellen. Op een keer waren jongeren
bij een dovenschool wat aan het vernielen. Ik stapte van de brommer en sprak
hen aan. Meteen kwamen ze lachend om mij heen staan, spottend, treiterend.
Ik bleef maar doorpraten waarom het verkeerd was. Het enige meisje dat erbij
was had de grootste bek. Ik
zag dat ze aan de drugs was, zei dat ook en waarschuwde haar. Ze waren
verbaasd. "Kun je
waarzeggen?" vroegen ze. ‘Hier vertel me mijn toekomst.’ Een groezelige
hand werd onder mijn neus gehouden. Dit was de kans om over Jezus te praten. We
werden vrienden. De volgende keer stopte ik weer om met hen te praten. De week daarna stonden de
jongens me al bij de kerk op te wachten. Het meisje was dood. Een buurman had haar een drugcocktail gegeven. Een aantal jongeren
bezocht een kerkdienst. Een jongen bleef vaker komen. Was het dom van mij om risico's te nemen?
- Je hoeft niet altijd hen in alles naar de zin te maken. Mijn kinderen kwamen wel eens mopperend uit
de jeugd. Het was weer zo saai geweest. Jaren later vertelde mijn dochter, dat
die saaie avonden toch wel veel voor haar hadden betekend. Het mopperen hoorde
nou eenmaal erbij.
6. Belangrijk
voor de leider.
- Een jeugdleider moet kleven aan de jeugd. Ook in de samenkomst moet
hij in hun buurt zitten, als hij dat aan kan.
‑ Interesse hebben in de levens van tieners.
‑ Vraag hen over school en praat erover met ze.
‑ Onthouden wat ze je verteld hebben.
‑ Hoe functioneren ze als christen op school?
‑ Een kaart sturen met hun verjaardag. Ze krijgen wel veel sms-jes, maar weinig post.
‑ Ook mannelijke leiding.
‑ De houding, niet overdreven, maar jezelf zijn.
7. Inschakelen.
In de gemeente in het algemeen en in de kinderdienst in het bijzonder?
Veel kerken merken hoe hun tieners interesse verliezen in trouw kerkbezoek. In
hun poging om dit enthousiasme weer nieuw leven in te blazen gaan ze hun
tieners bezighouden, maar laten hen niet deel nemen in een bediening. De kerk
bedient hen, maar staat hen niet toe God met de daad te dienen. Jongen mensen
weten heel goed wanneer ze overbodig zijn. Daag ze uit om iets te beleven, te
ondernemen. Lees in dit verband eens 1 Tim. 4:12. "Sta niemand toe dat hij vanwege je jeugdige leeftijd
op je neerkijkt, maar wees voor de gelovigen een voorbeeld in wat je zegt, in
je levenswijze, in liefde, geloof en zuive."
Jonge mensen zijn heel hard nodig in de gemeente. Ze kunnen video‑opnames
verzorgen, radiowerk doen, technische zaken regelen, geluid, muziek, zingen,
schoonmaken, openluchten.
Kortom er is een scala van mogelijkheden, waardoor men hen de kans geeft door God gebruikt te worden.
Een rol in de kinderdienst?
Schakel ze al jong in om het evangelie aan jongere kinderen door te
vertellen, dus niet alleen maar opruimen of plastante zijn. Van al wat men aan
anderen doorvertelt krijgt men zelf de grootste zegen.
8. Tenslotte
Jer. 31: 31‑34 "De
dag zal komen – spreekt de HEER – dat ik met het volk van Israël en het volk van
Juda een nieuw verbond sluit, een ander verbond dan ik met hun voorouders sloot
toen ik hen bij de hand nam om hen uit Egypte weg te leiden. Zij hebben dat
verbond verbroken, hoewel ze mij toebehoorden – spreekt de HEER. Maar dit is het verbond dat ik in de toekomst met
Israël zal sluiten – spreekt de HEER: Ik zal mijn wet in hun binnenste leggen en hem in
hun hart schrijven. Dan zal ik hun God zijn en zij mijn volk.
LES VOOR TWAALFJARIGEN OVER RELATIES.
Hierbij past het verhaal van Rachab, de hoer uit Jericho, die zo naar
echt verlangde en daardoor in de rij van voorouders van Jezus terechtkwam.
Doel: De kinderen bewust te maken, dat liefde niet is hoe je eruitziet
en of je goed bent in seks, maar hoe je met elkaar omgaat. Hoe je nu met vriendjes
omgaat is belangrijk voor later.
Belangstelling: Hun belangstelling ligt op dit terrein, ze willen er
graag over praten. Vul de vragen in.
Over goede relaties.
===============
1. Als iemand tegen mij zegt "I love you!" dan betekent dat
veel/weinig voor mij, want ................................
...........................................................
2. Als je later een goede relatie wilt krijgen, (huwelijk)
dan moet je nu al wel/niet leren goed met vrienden of vriendinnen om
te gaan, want......................................
.............................................................
3. Als je veel wisselt ben je gauw kleingeld.
Dat vind ik waar/niet waar, want............................
............................................................
4. Ik geef mijn hart wel/ niet gauw aan iemand. Eerst maar eens zien of
......................................
5. Of iemand leuk is om te zien is wel/niet belangrijk.
Belangrijker is...........................................
..........................................................
6. Echte liefde is te koop/niet te koop.
Hierna samen bespreken.
N.B. vraag nr. 3 even uitleggen. Wie seks heeft met veel partners
voelt zich steeds minder waard.