Bijbelquiz nr. 8 - Psalm 23
1. Welke
psalm wordt wel de herderspsalm genoemd?
|
psalm 23 |
psalm 42 |
psalm 1 |
2. Wie heeft psalm 23 geschreven?
|
Paulus |
David |
Lucas |
3. Wie ziet David als zijn herder?
|
Zijn vader |
Zijn koning |
De Here |
4. Waarom is David niet bang voor een donker dal?
|
Er is eten genoeg. |
God is dicht bij hem. |
Hij is zelf sterk genoeg |
5. Wat deed men vroeger met een persoonlijk gast?
|
Zalven met olie. |
Een hand geven. |
Een stoel geven. |
6. Wat mag David zijn leven lang ervaren?
|
De goedheid van zijn ouders. |
De goedheid en trouw van zijn vrienden. |
De goedheid van God. |
7. Waar zal David voor eeuwig mogen wonen?
|
In het huis van de Here |
In een paleis |
In Jeruzalem |
8. Wat hebben schapen nodig?
|
een vaste hand |
rustig kabbelend water |
zonneschijn |
9. Hoe noemt men het hok van de schapen?
|
de schuur |
de stal |
de schaapskooi |
10. Hoe noemt men een mannetjesschaap?
|
een lam |
een ooi |
een ram |
11. Waarom gaat de herder met zijn kudde door een donker
dal?
|
Om in een betere, groenere weide te komen. |
Om zijn schapen te trainen niet bang te zijn. |
Omdat zijn schapen zich anders gaan vervelen. |
12. Wat is het verschil tussen een goede herder en een
huurling?
|
Een goede herder verdient goed aan zijn schapen |
Een goede herder zet zijn leven op het spel voor zijn
beesten |
Een goede herder aait zijn beesten vaak |
13. Wat is David geworden?
|
Generaal |
Koning van Israλl |
Minister van koning Saul |
14. Waarom schreef David een lied over schapen?
|
Er graasden veel schapen bij hem in de buurt. |
Hij hield veel van dieren. |
Hij was een herder |
15. Waarmee kun je het beroep herder vergelijken?
|
een koning |
een muzikant |
een zwerver |
16. Wat doet een herder als er een schaap zoek is?
|
fluiten |
lokken met voer |
opzoeken |
17. Wat voor feest vieren de herders samen.
|
verjaardagsfeest |
schaapscheerfeest |
paasfeest |
18. Waarom luisteren de schapen niet naar een andere herder?
|
Ze vinden zijn kleren raar. |
Ze kennen zijn stem niet. |
Ze weten niet wat hij bedoelt. |
19. Wat voor dier heeft een herder vaak bij zich?
|
een hond |
een poes |
een koe |
20. Wat voor deur had een schaapskooi vroeger?
|
een houten deur |
een ronde steen |
De herder was de deur. |
21. Wanneer is de herder extra blij?
|
Als zijn verloren schaap weer is gevonden. |
Als hij een extraatje krijgt. |
Als de schapen rustig drinken. |
22. Hoe weet je dat de herder echt om zijn schapen geeft?
|
Hij kijkt naar ze. |
Hij kent hun naam. |
Hij gaat voorop. |
23. Wat heeft David verslagen?
|
Leeuwen, beren en de reus Goliat. |
een beer |
een wolf |
24. Hoe heten de liederen die David maakte?
|
gezangen |
gebeden |
psalmen |
25. Op welk instrument speelde David vaak?
|
fluit |
citer |
harp |
|
1 - |
6 - |
11 - |
16 - |
21 - |
|
2 - |
7 - |
12 - |
17 - |
22 - |
|
3 - |
8 - |
13 - |
18 - |
23 - |
|
4 - |
9 - |
14 - |
19 - |
24 - |
|
5 - |
10 - |
15 - |
20 - |
25 - |
|
1 1 |
6 3 |
11 1 |
16 3 |
21 1 |
|
2 2 |
7 1 |
12 2 |
17 2 |
22 2 |
|
3 3 |
8 2 |
13 2 |
18 2 |
23 1 |
|
4 2 |
9 3 |
14 3 |
19 1 |
24 3 |
|
5 1 |
10 3 |
15 1 |
20 3 |
25 3 |